GHG Protocol uitgelegd: zo krijg je grip op scope 1, 2 en 3

Je CO₂-uitstoot meten? Dan moet je eerst weten waar je moet kijken

Je wilt als organisatie iets doen aan je CO₂-uitstoot. Prima. Dus pak je de energierekening erbij, noteer je hoeveel gas je verbruikt en tel je de kilometers van het wagenpark op. Klaar?

Niet helemaal.

Want misschien zit het grootste deel van jouw klimaatimpact helemaal niet binnen de muren van je bedrijf. Denk aan ingekochte producten, transport door leveranciers, woon-werkverkeer, het gebruik van verkochte producten of zelfs investeringen.

Om daar structuur in aan te brengen bestaat het Greenhouse Gas Protocol, meestal afgekort tot GHG Protocol. Het is een internationaal gebruikt raamwerk waarmee organisaties hun uitstoot van broeikasgassen kunnen berekenen en rapporteren. Het vormt bovendien een belangrijke basis onder andere klimaatstandaarden en rapportages.

En daar komen die termen vandaan die je tegenwoordig overal tegenkomt: scope 1, scope 2 en scope 3.

In het kort

Het GHG Protocol helpt je om de uitstoot van broeikasgassen gestructureerd in kaart te brengen.

De essentie is eenvoudig:

  • Scope 1: uitstoot die rechtstreeks ontstaat uit bronnen die je organisatie bezit of beheerst.
  • Scope 2: indirecte uitstoot door ingekochte energie, zoals elektriciteit, warmte, stoom en koeling.
  • Scope 3: alle overige indirecte uitstoot in je waardeketen, zowel vóór als ná jouw eigen bedrijfsactiviteiten.

 

Voor scope 3 onderscheidt het GHG Protocol 15 categorieën.

Dat onderscheid is belangrijk, want het GHG Protocol staat niet op zichzelf. Je komt dezelfde systematiek onder andere tegen bij CSRD/ESRS, de CO₂-Prestatieladder en het Science Based Targets initiative (SBTi). Ook normen zoals ISO 14064-1 sluiten inhoudelijk aan op het meten en rapporteren van broeikasgasemissies.

Kortom: begrijp je het GHG Protocol, dan heb je meteen een goede basis voor veel andere klimaatvraagstukken.

Wat is het GHG Protocol precies?

Het GHG Protocol kun je zien als de boekhoudmethode voor broeikasgassen.

Bij een financiële boekhouding wil je weten waar geld vandaan komt en waar het naartoe gaat. Bij een broeikasgasinventaris wil je weten waar uitstoot ontstaat, hoeveel uitstoot het betreft en aan welk onderdeel van de organisatie of waardeketen deze kan worden gekoppeld.

Daarbij gaat het trouwens niet alleen om CO₂. Het protocol kijkt naar meerdere broeikasgassen en rekent de klimaatimpact daarvan doorgaans om naar CO₂-equivalenten (CO₂e).

Om te voorkomen dat alles op één grote emissiehoop belandt, verdeelt het GHG Protocol bedrijfsgerelateerde emissies over drie scopes.

Scope 1, 2 en 3: wat is het verschil?

Scope 1 – wat je zelf uitstoot

Scope 1 bestaat uit directe emissies uit bronnen die jouw organisatie bezit of beheerst.

Denk bijvoorbeeld aan:

  • aardgas voor een eigen verwarmingsinstallatie;
  • diesel of benzine voor bedrijfswagens;
  • brandstof voor machines;
  • emissies uit eigen productieprocessen;
  • lekkage van bepaalde koudemiddelen.

 

Een simpele vuistregel: komt de uitstoot rechtstreeks uit een bron die jij bezit of beheerst? Dan kijk je waarschijnlijk naar scope 1.

Scope 2 – de energie die iemand anders voor je opwekt

Bij scope 2 gaat het om indirecte emissies die samenhangen met ingekochte of verkregen energie die jouw organisatie gebruikt.

Het bekendste voorbeeld is elektriciteit.

Je hebt zelf geen elektriciteitscentrale op kantoor staan — gelukkig maar, naast de koffieautomaat wordt dat wat krap — maar door jouw elektriciteitsgebruik kan elders wel uitstoot ontstaan.

Onder scope 2 vallen onder andere ingekochte:

  • elektriciteit;
  • warmte;
  • stoom;
  • koeling.

Scope 3 – alles wat verder in de keten gebeurt

En dan komt de categorie waar het snel interessant wordt: scope 3.

Scope 3 omvat de overige indirecte uitstoot in de waardeketen van jouw organisatie. Dat kan zowel upstream zijn, dus vóór jouw eigen activiteiten, als downstream, nadat jouw product of dienst de organisatie heeft verlaten.

Voor veel organisaties kan juist scope 3 een groot deel van de totale klimaatvoetafdruk vormen.

Een bedrijf dat zelf weinig gas en elektriciteit gebruikt, kan dus tóch een forse klimaatimpact hebben doordat het veel materialen inkoopt, producten laat vervoeren of producten verkoopt die tijdens het gebruik veel energie verbruiken.

De 15 scope 3-categorieën op een rij

Het GHG Protocol verdeelt scope 3 in vijftien categorieën. De eerste acht hebben betrekking op activiteiten upstream in de waardeketen. De overige zeven kijken downstream.

Nr.Scope 3-categorieVoorbeelden
1Ingekochte goederen en dienstenGrondstoffen, materialen, ICT, adviesdiensten
2KapitaalgoederenMachines, gebouwen, voertuigen en apparatuur
3Brandstof- en energiegerelateerde activiteitenProductie en transport van brandstoffen en energie die niet onder scope 1 of 2 vallen
4Upstream transport en distributieTransport door leveranciers en logistieke dienstverleners
5Afval uit bedrijfsactiviteitenVerwerking, recycling of verbranding van bedrijfsafval
6Zakelijke reizenVliegreizen, trein, taxi en andere zakelijke mobiliteit
7Woon-werkverkeer medewerkersAuto, OV en andere vervoersmiddelen
8Upstream geleasede activaGehuurde of geleasede activa die niet al binnen scope 1 en 2 vallen
9Downstream transport en distributieVervoer en opslag van verkochte producten
10Verwerking van verkochte productenVerdere verwerking van verkochte tussenproducten
11Gebruik van verkochte productenUitstoot tijdens het gebruik van jouw producten
12End-of-life van verkochte productenAfvalverwerking, recycling of verbranding aan einde levensduur
13Downstream geleasede activaActiva die jouw organisatie aan anderen verhuurt of leaset
14FranchisesEmissies van franchiseactiviteiten
15InvesteringenEmissies die samenhangen met investeringen en financieringen

Het voordeel van deze indeling? Je hoeft niet langer te zeggen: “We denken dat ergens in onze keten nog behoorlijk wat CO₂ zit.” Je kunt systematisch onderzoeken waar die uitstoot zit en waar je daadwerkelijk invloed kunt uitoefenen.

Waarom is dit relevant voor jouw bedrijf?

Het GHG Protocol wordt steeds relevanter omdat klanten, opdrachtgevers, financiers en ketenpartners vaker om betrouwbare klimaatdata vragen. En daarbij gaat het steeds minder alleen over je eigen energierekening.

Een grote klant die zijn scope 3-emissies wil berekenen, heeft bijvoorbeeld gegevens van leveranciers nodig. Ben jij zo’n leverancier? Dan kan jouw uitstoot onderdeel worden van de klimaatvoetafdruk van je klant.

Je kunt dus zelf niet rechtstreeks onder een bepaalde rapportageverplichting vallen en tóch de vraag krijgen:

“Kunnen jullie jullie CO₂-data aanleveren?”

Dan helpt het behoorlijk wanneer je scope 1, 2 en 3 al begrijpt.

Wat heeft het GHG Protocol met CSRD te maken?

De koppeling met de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD) loopt via de European Sustainability Reporting Standards (ESRS).

Binnen de klimaatstandaard ESRS E1 wordt onderscheid gemaakt tussen scope 1-, scope 2- en scope 3-emissies. Voor het bepalen van scope 3 verwijzen de toepassingsvereisten bovendien naar de principes van de GHG Protocol Corporate Value Chain (Scope 3) Standard en naar de 15 scope 3-categorieën.

Het GHG Protocol is daarmee geen synoniem voor CSRD. Zie het eerder als een belangrijke methodische bouwsteen voor het klimaatgedeelte van duurzaamheidsrapportage.

En de CO₂-Prestatieladder?

Ook bij de CO₂-Prestatieladder kom je de scopes tegen.

De Ladder gebruikt de indeling in scope 1, 2 en 3 voor het inzichtelijk maken van emissies. In versie 4.0 ligt op trede 1 de nadruk op reductie binnen de eigen organisatie, terwijl op hogere treden de waardeketen en uiteindelijk reductie richting nul uitstoot in 2050 nadrukkelijker in beeld komen.

Dat maakt kennis van het GHG Protocol bijzonder nuttig wanneer je met de CO₂-Prestatieladder aan de slag wilt.

Je hoeft dan niet voor ieder systeem opnieuw vanaf nul te beginnen. Een goed ingerichte emissie-inventaris kun je voor meerdere doelen gebruiken.

En SBTi?

Het Science Based Targets initiative (SBTi) helpt organisaties klimaatdoelstellingen vast te stellen die aansluiten bij de klimaatwetenschap.

Ook SBTi gebruikt de scope-indeling van het GHG Protocol. De doelstellingen moeten scope 1 en 2 omvatten. Wanneer relevante scope 3-emissies 40% of meer van de totale scope 1-, 2- en 3-emissies vormen, moet scope 3 volgens de huidige SBTi-criteria eveneens onderdeel zijn van de near-term science-based targets.

Het verband kun je daarom simpel samenvatten:

GHG Protocol helpt je bepalen wat en hoe je meet. SBTi helpt je vervolgens om daar wetenschappelijk onderbouwde reductiedoelstellingen aan te koppelen.

En andere normen en keurmerken?

Hetzelfde principe zie je terug in andere klimaat- en managementsystemen.

ISO 14064-1 geeft bijvoorbeeld eisen en richtlijnen voor het kwantificeren en rapporteren van broeikasgasemissies en verwijderingen op organisatieniveau. De CO₂-Prestatieladder gebruikt ISO 14064-1 eveneens binnen haar methodiek voor de emissie-inventaris.

Daarnaast kan een goede GHG-inventaris nuttige input leveren voor duurzaamheidsrapportages, klantvragen, aanbestedingen, klimaattransitieplannen en andere certificerings- of managementsystemen.

Dat betekent overigens niet dat al deze systemen precies dezelfde eisen stellen. GHG Protocol, CSRD/ESRS, ISO 14064-1, SBTi en de CO₂-Prestatieladder hebben ieder hun eigen doel en regels. Maar wie zijn emissiedata volgens een consistente methodiek organiseert, creëert wel een basis die op meerdere plekken bruikbaar is.

Begin niet meteen met de perfecte CO₂-footprint

Vooral scope 3 kan behoorlijk overweldigend lijken.

Vijftien categorieën. Leveranciersdata. Emissiefactoren. Kilometers. Inkoopbedragen. Productgegevens. Excel begint alvast zachtjes te huilen.

Maar je hoeft niet op dag één alles tot drie cijfers achter de komma te weten.

Een praktische eerste aanpak is:

  1. Bepaal je organisatiegrenzen. Welke activiteiten, bedrijfsonderdelen en locaties neem je mee?
  2. Breng scope 1 en 2 in kaart. Begin met energie, brandstoffen, voertuigen en andere directe bronnen.
  3. Screen de 15 scope 3-categorieën. Welke categorieën zijn voor jouw organisatie relevant?
  4. Maak een eerste inschatting. Gebruik beschikbare activiteitendata en betrouwbare emissiefactoren.
  5. Zoek de hotspots. Waar zit waarschijnlijk de meeste uitstoot?
  6. Verbeter vervolgens de datakwaliteit. Begin bij de emissiebronnen die er echt toe doen.
  7. Koppel meten aan verminderen. Een CO₂-footprint zonder reductieplan is uiteindelijk vooral een heel zorgvuldig berekende voetafdruk.

 

Juist die laatste stap wordt nog weleens vergeten.

GHG protocol uitgelegd scope 1 2 en 3

Van CO₂-cijfers naar praktische verduurzaming

Bij Robin Good kijken we daarom niet alleen naar de vraag: “Hoe berekenen we onze uitstoot?”

Interessanter is wat je daarna met die informatie doet.

Als ESG Consultant kunnen we je helpen bij het bepalen van je scope 1, 2 en 3-emissies, het uitvoeren van een eerste scope 3-screening, het structureren van gegevens en het leggen van de verbinding met bijvoorbeeld CSRD/ESRS, de CO₂-Prestatieladder of klimaatdoelstellingen.

Daarbij houden we het graag begrijpelijk.

Geen ESG-woordenboek van 300 pagina’s als een praktische werksessie voldoende is. Geen ingewikkeld model wanneer een goede spreadsheet hetzelfde resultaat oplevert. En geen rapport dat daarna keurig digitaal stof gaat verzamelen.

Praktisch, betaalbaar en met een glimlach

Waarom Robin Good?

Omdat verduurzaming volgens ons vooral moet werken.

Praktisch betekent dat we ingewikkelde standaarden vertalen naar concrete stappen voor jouw organisatie.

Betaalbaar betekent dat we kijken wat je werkelijk nodig hebt. Eerst een goede scope 3-screening uitvoeren kan bijvoorbeeld verstandiger zijn dan onmiddellijk duizenden datapunten verzamelen.

En met een glimlach betekent dat duurzaamheid serieus genoeg is om er professioneel mee bezig te zijn, maar niet zo serieus dat we elkaar onderweg kwijtraken in afkortingen.

GHG, CSRD, ESRS, SBTi, ISO… voor je het weet heb je een bingo-kaart nodig.

Wij helpen je liever begrijpen wat je ermee moet.

Wil je weten hoe jouw scope 1, 2 en 3 eruitzien?

Wil je starten met je CO₂-footprint, vraagt een klant om emissiegegevens of wil je weten wat het GHG Protocol betekent voor jouw CSRD-rapportage, CO₂-Prestatieladder of klimaatdoelstellingen?

Neem contact op met Robin Good.

We brengen samen in kaart waar je staat, welke gegevens je al hebt en welke stappen écht nodig zijn. Praktisch, betaalbaar en met een glimlach.

Contact opnemen

Laat je gegevens achter en we nemen direct contact met je op!

×